Dartregels 2026: de officiële regels uitgelegd

Wouter

Wat zijn de officiële dartregels?

De officiële dartregels worden wereldwijd vastgesteld door de World Darts Federation (WDF), de internationale autoriteit op het gebied van darts. Alle grote toernooien, competities en bonden — ook in Nederland — baseren hun spelregels op de richtlijnen van de WDF.

Of je nu recreatief gooit in je eigen darthoek of meedoet aan een competitie: de basisregels zijn overal gelijk. Weten hoe het spel officieel in elkaar zit, voorkomt discussies aan de oche en maakt het spel eerlijker voor iedereen.

Eén belangrijk punt vooraf: de dartregels in 2026 zijn inhoudelijk ongewijzigd ten opzichte van voorgaande jaren. De zoekterm “dartregels 2026” weerspiegelt een actuele zoekvraag — niet een regelwijziging. Dit artikel geeft je dus een volledig en up-to-date overzicht van de geldende regels.

Het speelveld: bord, hoogte en afstand

Voordat je de eerste dart gooit, moet het speelveld correct zijn ingericht. De WDF schrijft vaste maten voor als het gaat om de ophangshoogte van het bord en de afstand tot de werplijn. Die maten verschillen licht tussen steel- en softdarts.

Wil je weten hoe je je dartbord precies ophangt, inclusief tips voor bevestiging en bescherming van de muur? Lees dan onze complete gids over dartbord ophangen.

dartregels 2026

Hoogte en afstand bij steeldarts

Bij steeldarts gelden de volgende officiële maten:

  • De bullseye hangt op 1,73 meter hoogte (gemeten van de vloer tot het midden van de bull)
  • De horizontale werpafstand bedraagt 2,37 meter (gemeten vanaf de voorkant van het bord tot de oche)
  • De diagonale afstand — van de bullseye tot de achterkant van de oche — is 2,93 meter

De diagonale maat wordt soms gebruikt als controlemethode: als je bord op de juiste hoogte hangt en de diagonaal klopt, zit je altijd goed.

Hoogte en afstand bij softdarts

Bij softdarts (elektronische dartborden met plastic tips) is de ophangshoogte gelijk, maar de werpafstand iets groter:

  • De bullseye hangt op 1,73 meter hoogte
  • De horizontale werpafstand bedraagt 2,44 meter
  • De diagonale afstand is 2,98 meter

Het verschil in werpafstand compenseert gedeeltelijk het lichtere gewicht en andere vluchteigenschappen van softdarts.

Spelverloop en scoringssystemen

Darts kent verschillende spelvarianten, maar 501 en 301 zijn veruit de meest gespeelde formats — zowel in de thuissituatie als in competitieverband. Hieronder leggen we beide uit.

501 en 301: hoe werkt aftellen?

In zowel 501 als 301 begint elke speler met een vaste startscore: respectievelijk 501 of 301 punten. Het doel is om die score zo snel mogelijk naar exact nul terug te brengen. Elke speler gooit per beurt drie darts, en de behaalde punten worden van de startscore afgetrokken.

Een cruciale regel is de bust: als je met je drie darts meer punten gooit dan je nog nodig hebt, of op exact 1 uitkomt zonder dat je kunt finishen, is je beurt ongeldig. Je score gaat dan terug naar wat die was vóór die beurt.

In competitie wordt 501 gespeeld in legs en sets:

  • Een leg is één afzonderlijk spel van 501
  • Een set bestaat uit meerdere legs (vaak best of 3 of best of 5)
  • De wedstrijd wordt beslist over een vastgesteld aantal sets

301 wordt vanwege de kortere speelduur vaker gespeeld in teamcompetities of als snelheidsvariant.

Finishen: straight out, double out en master out

Hoe je de score op nul mag brengen, hangt af van de afgesproken finishvariant. Er zijn drie officiële mogelijkheden:

  • Straight out: je mag op elk vak finishen, ook een enkele score of de bull. Dit is de eenvoudigste variant.
  • Double out: de winnende dart moet een dubbel zijn (de buitenste ring) of de dubbele bull (bullseye). Dit is de standaard in vrijwel alle officiële competities.
  • Master out: je mag finishen op een dubbel of een triple (driedubbel vak). Een tussenvorm die minder vaak wordt gespeeld.

In de meeste dartcompetities — en in alle professionele toernooien van de PDC en WDF — is double out de norm. Als je recreatief speelt, is het verstandig dit van tevoren af te spreken om discussie te voorkomen.

Werpregels en gooibeurt

Naast de scoringsregels zijn er duidelijke regels over hoe en wanneer je mag gooien. De belangrijkste hiervan gaan over de werplijn en het moment van scoren.

De oche (werplijn) is de lijn waarachter je staat tijdens het gooien. Je mag tijdens de worp met je voet de lijn raken, maar niet overschrijden. Je voorste voet bepaalt of je in overtreding bent — niet de rest van je lichaam. Het is toegestaan om over de oche te leunen, zolang je voet achter de lijn blijft.

Andere belangrijke werpregels:

  • Spelers gooien om beurten; de volgorde wordt aan het begin van een leg bepaald (vaak via een bull-gooi: dichtstbij de bull begint)
  • Je mag een dart niet opnieuw gooien als je hem hebt losgelaten, ook niet als het per ongeluk was
  • Een dart telt alleen mee als hij nog in het bord zit op het moment dat de speler de oche verlaat om de score te noteren
  • Darts die in het bord terechtkomen maar vervolgens uitvallen, tellen niet mee

De score wordt pas officieel vastgesteld nadat alle drie de darts zijn gegooid en de speler het bord nadert om ze te verwijderen.

Veelgemaakte fouten en misverstanden

Zelfs ervaren spelers lopen soms tegen een regelkwestie aan. Dit zijn de meest voorkomende misverstanden:

  • Uitgevallen darts tellen niet mee. Als een dart het bord raakt maar er uitvalt voordat je de score noteert, krijg je er geen punten voor. Dit geldt ook als de dart door een andere dart wordt weggeslagen.
  • Voet over de oche. Gooien met je voet over de lijn is een ongeldige beurt. De darts mogen niet worden meegeteld. In recreatieve wedstrijden wordt dit soms door de vingers gezien, maar officieel is het een overtreding.
  • Score noteren vóór de darts worden verwijderd. De score moet genoteerd terwijl de darts nog in het bord zitten, zodat het segment goed zichtbaar is. Verwijder je darts nooit voordat de score is bevestigd.
  • Bust vergeten. Veel beginners weten niet dat een bust betekent dat je score volledig terugzet naar wat die was vóór die beurt — niet naar nul, niet halverwege.
  • Finishvariant niet afgesproken. Speel je thuis met vrienden zonder vaste afspraken? Spreek dan vóór de eerste leg af welke finishvariant je gebruikt, om discussie achteraf te voorkomen.

Digitaal scoren en automatische detectie

De officiële dartregels schrijven niets voor over hoe de score bijgehouden moet worden — handmatig op een scorebord of digitaal via een app maakt voor de spelregels geen verschil. Dat maakt digitale scoreoplossingen volledig compatibel met officieel spel.

Het Smart Dartify Systeem is een voorbeeld van een systeem waarmee je automatisch kunt scoren aan je bestaande steeldartbord. Het systeem detecteert waar de dart inkomt en verwerkt de score direct — handig voor thuiswedstrijden en trainingen, zonder dat je handmatig hoeft bij te houden.

Een andere populaire optie is autodarts, een cameragebasseerd systeem dat via beeldherkenning de dartpositie in het bord registreert. Beide systemen registreren de score pas definitief wanneer alle drie de darts in het bord zitten — wat precies overeenkomt met de officiële scoringsregel.

Wil je digitaal spelen en tegelijk zorgen voor goede verlichting van het bord — zodat de camera of het systeem optimaal werkt? Een Dartify LED Ring of de Target Corona Vision LED Ring verlichten het bord gelijkmatig zonder schaduwen, wat zowel de zichtbaarheid als de detectienauwkeurigheid ten goede komt.